In de Wet Waardering Onroerende Zaken (WOZ) staat hoe gemeenten de WOZ-waarde van onroerende zaken moeten bepalen. Voorbeelden van onroerende zaken zijn woningen, kantoren en garages. De hoogte van een aantal belastingen en heffingen is afhankelijk van deze WOZ-waarde, bijvoorbeeld de onroerende-zaakbelasting (OZB), inkomstenbelasting en vennootschapsbelasting. Met de WOZ wil de overheid de belastingen zo eerlijk mogelijk verdelen. De WOZ-waarde geldt voor één belastingjaar.