De inhoud is geladen.
Nu Staphorst definitief is aangewezen als locatie voor grootschalige munitieopslag, wordt overgegaan naar de fase waarin de inpassing en inrichting van de munitieopslag wordt voorbereid.
In Veenhuizen staat al een grootschalige munitieopslag met veel beton. Het is zo dat voor de constructie en veiligheid van de bunkers en verplaatsen van munitie op het terrein relatief veel beton/verharding nodig is. Maar de omgeving van de munitieopslag in Veenhuizen is anders dan die van Staphorst. Bij de inrichting van het terrein zal zoveel mogelijk rekening worden gehouden met een goede inpassing in de omgeving. Het uitgangspunt is dat zo weinig mogelijk bomen gekapt worden en zo weinig mogelijk natuur verdwijnt. Ook de bouw van een grootschalig munitiecomplex moet zo natuur-inclusief als mogelijk gebeuren. Maar het is onvermijdelijk dat een deel van de bomen en natuur in eerste instantie verdwijnt om de bunkers en voorzieningen te realiseren.
Op dit moment heeft Defensie het plan om bovengronds te bouwen, daar zijn alle onderzoeken ook op gebaseerd. Ondergronds bouwen is op dit moment niet haalbaar vanwege zeer hoge kosten en technische risico’s.
Defensie heeft aandacht voor lichtvervuiling. Defensie vermindert onnodige verlichting wanneer dat mogelijk is gezien de veiligheid en de daarbij behorende (wettelijke) eisen.
De benodigde omvang van de grootschalige munitieopslag is 70 hectare. Op het kaartje met de bestaande en nieuwe veiligheidszones is dit ruimer ingetekend. Dit betekent dat nog enige optimalisatieruimte mogelijk is in het ingetekende gebied. Deze optimalisatie is onderdeel van het onderzoek in het gebiedsproces, waarin de inpassing en inrichting van de munitieopslag wordt voorbereid.
Voor bepaling van de exacte grenzen en van de inrichting van de grootschalige munitieopslag wordt onder meer gekeken naar het ontwerp, de ontsluiting, landschappelijke inpassing, schadebeperkende maatregelen waaronder maatregelen om kwetsbare natuur te beschermen en natuurcompensatie.